Ga naar home van Werkgroep Voetafdruk Nederland
Home
Columns
 Grenzen aan de groei opnieuw, Han Snijders (november 2020)
 Planet of the Humans, Quintijn Hoogenboom (20 september 2020)
 Opinie Energietransitie in Trouw, Quintijn Hoogenboom (20 augustus 2019)
 De onbewoonbare aarde en Warme aarde, koel hoofd vergeleken, Quintijn Hoogenboom (28 juli 2019)
 Biodiversiteit, bomen en Steenbreek, Jan Juffermans (15 mei 2019)
 

Grenzen aan de groei 50 jaar later

statistiekenclubvanromeseptember2020

- rood:   Bevolking wereld
           (bronnen: CvR 1972* / United Nations c2018)
- blauw:  Voedsel per hoofd wereld
           (bronnen: CvR 1972* / FAO c2018)
- groen:  Industriële productie per hoofd wereld
           (bronnen: CvR 1972* / Political Thoughts c2018)
- zwart:  Natuurlijke hulpbronnen, niet herwinbare delfstoffen
           (bron: CvR 1972*)
- paars:  Vervuiling (bron: CvR 1972*)

        * CvR = Club van Rome, rapport ‘Limits to Growth’ (1972)

Een korte inleiding:

In 1972 verscheen het rapport van de Club van Rome (in het vervolg: CvR) ‘Limits to Growth’ - ‘Grenzen aan de groei’, een rapport van historische betekenis waarin gewezen werd op de materiële grenzen van wereldwijde welvaartsvermeerdering. De doelstelling van het rapport was ‘de onderlinge afhankelijkheid en de wisselwerking van vijf kritische factoren in wereldverband na te gaan: bevolkingsgroei, voedselproductie, industrialisatie, uitputting van natuurlijke hulpbronnen en vervuiling’ (rapport CvR pag.16). In het rapport’ stonden een 12-tal toekomstscenario’s. Het bovenstaande scenario werd toendertijd als het meest realistische gezien (rapport CvR, fig.35). Inmiddels zijn de cijfers van 1970 tot 2020 te achterhalen aan de hand van onderzoeksbronnen. Het scenario kan dus worden geactualiseerd bij wijze van de bovenstaande grafiek.

De grafiek lezend

De hoofdlijnen in een vergelijking met de voorspellingen uit 1972:

  • De Wereldbevolking volgde nauwkeurig de trend tot 2020 maar vlakt dan af; de top wordt nu op 10,0 miljard i.p.v. op 11,4 geraamd.
  • Het Voedsel per hoofd: bleef tot 2000 wat achter, maar steeg tot 2020 door i.p.v. af te vlakken. Het verloop na 2020 is ongewis.
  • De Industriële productie per hoofd: steeg van alle indicatoren het steilst dóór, maar lijkt nu wat af te vlakken, later dan de CvR voorspelde. Het verloop na 2020 is ongewis.
  • De Vervuiling was en is - in weerwil van de onmiskenbare realiteit en van de effecten - in mindere mate dan voorgaande indicatoren te generaliseren en te kwantificeren.
  • De Natuurlijke hulpbronnen* waren en zijn - in weerwil van hun onmiskenbare realiteit en hun uitputting - in mindere mate dan voorgaande indicatoren te generaliseren en te kwantificeren. *Bedoeld zijn hier de niet-herwinbare delfstoffen uit de planetaire bodem, in het rapport ook wel onvervangbare hulpstoffen genoemd (rapport CvR pag. 59) te weten: fossiele steenkolen, aardolie en aardgas; metalen, gesteenten en andere mineralen. Niet bedoeld zijn: herwinbare (biologische) stoffen zoals voedingsstoffen, hout e.a..
  • EuChemS publiceert regelmatig geactualiseerde cijfers over de voorraden van natuurlijke hulpbronnen. Het betreft dan afzonderlijke stoffen w.o. diverse metalen. Essentieel zijn enkele bestanddelen voor het maken van staal, zoals chroom, nikkel en zink, welke alle snel uitgeput raken. Deze metalen zijn onmisbaar voor m.n. de maakindustrie (m.n. machinebouw), waarvan vervolgens de vervaardiging van alle andere producten afhankelijk is.

Noot: Waar tot een eeuw geleden 80-90% van de mensen in de landbouw werkten (de voedselvoorziening), zijn sindsdien de niet-herwinbare metalen - als basis van de technologie – verantwoordelijk voor productieverhoging in die cruciale maaksector: machines voor landbewerking, irrigatie en voedselbewerking, vervoer, kunstmestbereiding, fabricage van pesticiden, herbiciden en gewasbescherming. Dezelfde directe of indirecte afhankelijkheid van bewerkte metalen betreft alle sectoren in de moderne samenlevnig

In algemenere zin zijn cijfers beschikbaar over de materiaalconsumptie in tonnen aan bruikbare grondstoffen, excl. aardgas (bron: OECD). Daarbij blijven buiten beschouwing: de bijkomende schade t.g.v. winningen en vervuilingen ondergronds, de schade en vervuiling bovengronds (van beide zijn geen generale bronnen beschikbaar), fijnstoffen- en gasvormige vervuilingen zoals o.m. CO2-uitstoot met klimaatgevolgen (bron: IPCC).

Gevolgen

In de jaren onmiddellijk na 1972 voltrok zich een historische breuk.

  1. Het rapport van de Club van Rome wees de mensen op de materiële grenzen van de wereldwijde bevolkingsgroei en de welvaartsvermeerdering. Vanaf 1996 werden berekeningen via de voetafdrukmethode geïntroduceerd waarover u alles vindt op deze website.
  2. Deze wetenschap werd echter tegelijkertijd in de werkelijkheid van de mondiale politiek en de economie genegeerd (op de verdere achtergronden hieromtrent wordt hier niet verder ingegaan).

Er is geen adequaat wereldomvattend beheersingsinstrument aangaande economie en ecologie, wat bovendien belangen van toekomstige belanghebbenden in de overwegingen betrekt (regelgeving en naleving bij voorbeeld m.b.t. quoteringen). De gevolgen, zoals vermeld door de CvR, treden nu wat later op. Naar een citaat van Anders Rijkman, lid van de Club van Rome: “Ook met een klein beetje benzine rijdt de auto gewoon door. En dan ineens is de benzine op.”

Overbevolking, de voedselvoorziening en de grondstofwinningen vormden, zonder de overige indicatoren tekort te doen, de cruciale problemen. Het rapport ‘Limits to Growth’ besteedde relatief weinig aandacht aan het belang van natuurlijke vruchtbare grond, natuurlijk bos, biodiversiteit en zoet water.

Het belang van menselijk welbevinden (van human actors) stond toch wel boven dat van natuurlijke gegevenheden (non-human entities). Een voorbeeld is kunstmest, dat in het rapport nog als efficiënte productverhogende techniek werd besproken, ondanks het besef van de eindige beschikbaarheid van de benodigde ingrediënten. Grondstofwinning werd nog weinig in verband gebracht met de onlosmakelijk daarmee verbonden neveneffecten van ecocide – grote ecologische schade - en geocide, de ondergrondse geologische conditie. Schade die ver boven de belangensfeer van het heden uitgaan.

Bronnen (aanvullend)

Han Snijders lid van de Werkgroep Voetafdruk Nederland, november 2020